deurkozijn
onzijdig (het)/ˈdørkoˌzɛin/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- raamwerk waarbinnen een deur open en dicht gaat en waaraan de deur met het hang- en sluitwerk is vastgemaaktNa een paar jaar had ze het verkocht aan een man die zo dik was dat hij - en ik lieg niet, voegde ze er op dit punt altijd aan toe - ‘allebei de kanten van het deurkozijn raakte als hij binnenkwam en dan stond hij al enigszins diagonaal om überhaupt binnen te kunnen komen.’
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek