dienstknecht
mannelijk (de)/'dinstknɛxt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- slaaf, iemand die zich teveel door iemand anders de baas laat spelenHet wordt tijd het aloude spreekwoord in ere te herstellen: de markt is een goede dienstknecht, maar een slechte meester. G. Manenschijn, 8 mei 2001 NRC
- gelovige die zich ziet als willoos instrument van Gods wil
Vertalingen
Engelsservant
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek