donjuan

mannelijk (de)/ˌdɔŋɣuˈwɑn/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iemand die veel vrouwen verleidt
    Na vier weken is Alex nog corpulenter dan voorheen en dientengevolge vindt Adelheid het moeilijk in te gaan op de avances van onze donjuan in zijn flanellen pyjamaatje en zijn buddyhollybrilletje dat hij al decennialang heeft, getuige deze foto's. Tubantia 12-12-07 [https://www.tubantia.nl/almelo/de-volledige-tekst-van-het-groot-almelo-s-dictee~a968f7d9/ De volledige tekst van het Groot Almelo's Dictee]
    Cadetten op de KMA karakteriseren hem meer als bullebak dan donjuan, maar een pelotonscommandant van de militaire academie zit wel thuis met een schorsing wegens affaires met meerdere vrouwelijke officieren in opleiding. De Telegraaf 13 mei 2019 [https://www.telegraaf.nl/nieuws/3576219/bullebak-kma-thuis-na-seksrel ’Bullebak’ KMA thuis na seksrel]
    “Dat onze meisjes hem als een pop behandelden, heeft de donjuan in hem wel een knauw gegeven,” zegt De Wilde lachend. Het Parool Het Parool15 augustus 2019 [https://www.parool.nl/amsterdam/1993-olietanker-wordt-parkeergarage~b0bef240/ 1993: olietanker wordt parkeergarage]

Etymologie

*(eponiem) van "don" "Juan" "heer Johannes", een verwijzing naar het personage uit de 17e-eeuwse komedie van de Spaanse schrijver , dat door tal van latere auteurs in toneelstukken en andere werken is gebruikt