doofde
Wat is de betekenis van doofde?
doofde betekent: enkelvoud verleden tijd van doven
Betekenis
werkwoord
- enkelvoud verleden tijd van doven
Voorbeelden van "doofde" in een zin
- Ik doofde.
- Jij doofde.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek
doofde betekent: enkelvoud verleden tijd van doven