driehoeksmossel
mannelijk/vrouwelijk (de)/'drihuksmɔsəl/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (tweekleppigen) kleine tweekleppige zoetwaterschelp, oorspronkelijk uit het bekken van de Kaspische Zee,Vooral in Amerika is de driehoeksmossel berucht om de schade die hij er doet aan de inheemse fauna.
Vertalingen
Engelszebra mussel
Fransmoule zébrée
DuitsWandermuschel
Spaansmejillón cebra
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek