dromenvanger

mannelijk (de)/ˈdromə(n)ˌvɑŋər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iets of iemand die probeert dromen te verwezenlijken
  2. apparaat dat dromen kan lezen
  3. folklore (folklore) traditioneel object, in de vorm van een grote ring met daarin een web, zoals dat oorspronkelijk werden gebruikt door de Ojibweg (Anishinaabeg), een indianenvolk uit Noord-Amerika als bescherming tegen boze dromen
    In de achtertuin heeft Jenny een eigen hobbyruimte waar ze mandala’s, kaarten en dromenvangers maakt.
    Een moderne hippie draagt óók loszittende gewaden, poncho’s en mouwen met franjes, maar dan wel met een hip printje en een strakke snit. (…) Heeft een dromenvanger in zijn of haar kamer hangen en leeft naar het motto ‘save the world, buy vintage’.

Etymologie

**[3] van "dreamcatcher"