duchtig

'dʏxtəx

Wat is de betekenis van duchtig?

duchtig betekent: grondig, met kracht, met volle inzet, niet te onderschatten

Betekenis

bijvoeglijk naamwoord
  1. woorden met boekreferenties grondig, met kracht, met volle inzet, niet te onderschatten

Voorbeelden van "duchtig" in een zin

  • Zij stootten op duchtige tegenstand.

Etymologie

Afkomstig van het Middelnederduitse bijvoeglijke naamwoord "duhtig", dat van het Middelnederduitse werkwoord "dogen" (= deugen) komt met het achtervoegsel -ig

Vertalingen

Deensdygtig
Duitstüchtig