duchtte
Wat is de betekenis van duchtte?
duchtte betekent: enkelvoud verleden tijd van duchten
Betekenis
werkwoord
- enkelvoud verleden tijd van duchten
Voorbeelden van "duchtte" in een zin
- Ik duchtte.
- Jij duchtte.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek
duchtte betekent: enkelvoud verleden tijd van duchten