dumpzaak
mannelijk/vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een winkel waar men overtollig legermaterieel verkooptDe jongens konden gaan en staan waar ze wilden, blijkt dan. Zo kochten ze bivakmutsen in een dumpzaak, om een overval te plegen. Het kassabonnetje zit in het dossier. Tubantia Bert Janssen 07-11-17 [https://www.tubantia.nl/hengelo/is-hengeloeneuml-r-30-die-weggelopen-jongens-12-meeneemt-strafbaar~ab8f86fe/ Is Hengeloër (30) die weggelopen jongens (12) meeneemt strafbaar?]De firma Karsten begon als dumpzaak aan huis, onder leiding van de broers Piet en Gerard Karsten. Ze verkochten alles wat los en vast zat, en langzaam rolden de twee de kampeerbranche binnen. Reformatorisch Dagblad Ellen van de Beek 24-07-2012 [https://www.rd.nl/vandaag/economie/gemakkelijk-kamperen-in-een-oppomptent-1.268133 Gemakkelijk kamperen in een oppomptent]
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek