eenpersoonshuishouden
onzijdig (het)/xxxx/
Wat is de betekenis van eenpersoonshuishouden?
eenpersoonshuishouden betekent: een huishouden bestaande uit één persoon
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een huishouden bestaande uit één persoon
Voorbeelden van "eenpersoonshuishouden" in een zin
- De weduwnaar verruilde zijn eenpersoonshuishouden voor een tweepersoonshuishouden toen hij bij zijn vriend ging inwonen.
Veelgestelde vragen over eenpersoonshuishouden
Wat is de betekenis van eenpersoonshuishouden?
eenpersoonshuishouden betekent: een huishouden bestaande uit één persoon
Welk woordgeslacht heeft eenpersoonshuishouden?
eenpersoonshuishouden is een onzijdig (het).
Hoe gebruik je eenpersoonshuishouden in een zin?
Voorbeeld: “De weduwnaar verruilde zijn eenpersoonshuishouden voor een tweepersoonshuishouden toen hij bij zijn vriend ging inwonen.”
Etymologie
*samenstelling van een persoon en huishouden
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek