effen
Wat is de betekenis van effen?
effen betekent: glad van oppervlak
Betekenis
bijvoeglijk naamwoord
- glad van oppervlak
- gelijk van kleur
- zonder het uiten van gevoelens
werkwoord
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van effenen
- gebiedende wijs van effenen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van effenen
Voorbeelden van "effen" in een zin
- Met een effen gelaat vertelde de man de grootste leugens.
- Ik effen.
- Effen!
- Effen je?
Etymologie
In de betekenis van ‘vlak, gelijkmatig’ voor het eerst aangetroffen in 1236
Vertalingen
Engelssmooth, even, flat, level
Spaansplano, igual, fino, llano, liso
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek