elan
onzijdig (het)/eˈlɑ̃/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- animo, enthousiasme om iets te doen en/of te verwezenlijkenMet veel elan werden er plannen gemaakt.
- "allure", uitstralingDie nieuwe stijl moet de winkel een nieuw elan geven.
Etymologie
* Van "élan". In de betekenis van ‘bezieldheid’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1891
Vertalingen
Engelselan
Fransélan
DuitsElan, Schwung
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek