examenstof
mannelijk/vrouwelijk (de)/ɛkˈsamə(n)stɔf/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- de stof die men moet bestuderen voor een bepaald examenHij had maar de helft van de examenstof bestudeerd maar haalde toch nog net een voldoende.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek