falanx

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈfalɑŋks/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. geschiedenis (geschiedenis) rechthoekige gesloten formatie van zware infanterie, veel gebruikt door de Grieken in de klassieke oudheid
  2. militair (militair) opstelling van een leger, slagorde
  3. anatomie (anatomie) kootje van vinger of teen

Etymologie

* Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘slagorde’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1824

Vertalingen

Spaansfalange