Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

famiri

mannelijk/vrouwelijk (de)/faˈmiri/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. familie, informeel (familie) (informeel) geheel van mensen waaraan je nauw verwant bent
    Je moet altijd voor je famiri zorgen
    Luister baas: ik ga mijn famiri bezoeken ongeacht ticketprijs.
  2. straattaal (straattaal) geheel van mensen waarmee je je nauw verwant voelt
    Ik heb veel lobi voor mijn famiri.
    (…) heel di hoed was 1 famiri (…)
  3. kleding (kleding) (Suriname) langwerpig kussentje dat creoolse vrouwen om de onderrug onder de traditionele jurk ("koto") dragen, zodat die ruimer valt
    Om de taille extra te verbreden, wordt onder de yaki een worstvormig kussentje gebonden, de famiri of koi.

Etymologie

*van """