feestelijkheid

vrouwelijk (de)/xxxx/

Wat is de betekenis van feestelijkheid?

feestelijkheid betekent: een bijeenkomst om iets fijns te vieren

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een bijeenkomst om iets fijns te vieren

Voorbeelden van "feestelijkheid" in een zin

  • James Blake doet een 'Beyonceetje'. Ineens ploft een nieuwe plaat op de streamingplatforms: verrassing. Maar met die plotselinge verschijning houdt de feestelijkheid ook meteen op. Blake is op zijn derde album mistroostiger dan ooit.Volkskrant Robert van Gijssel 11 mei 2016

Betekenis en uitleg van feestelijkheid

Feestelijkheid verwijst naar de vrolijke en uitbundige sfeer die ontstaat tijdens een viering of speciale gelegenheid. Het is de energie en blijdschap die mensen ervaren wanneer ze samenkomen om iets te vieren.

Je gebruikt het woord 'feestelijkheid' vaak in de context van evenementen zoals verjaardagen, bruiloften of feestdagen. Het benadrukt niet alleen de festiviteiten zelf, maar ook de emotionele lading die deze momenten met zich meebrengen. De nuance van het woord kan variëren van een informele borrel tot een grootse ceremonie, afhankelijk van de setting.

Voorbeelden

  • De feestelijkheid van het huwelijk was voelbaar in de lucht, met lachende gezichten en vrolijke muziek.
  • Tijdens de kerstperiode heerst er een bijzondere feestelijkheid in de straten, met lichtjes en versieringen overal.
  • De schoolviering bracht een gevoel van feestelijkheid met zich mee, terwijl ouders en kinderen samen genoten van de activiteiten.

Woordoorsprong

Het woord 'feestelijkheid' is afgeleid van 'feest', dat verwijst naar een bijzondere gebeurtenis of viering, gecombineerd met het achtervoegsel '-lijk', dat een eigenschap of toestand aanduidt.

Veelgestelde vragen over feestelijkheid

Wat is de betekenis van feestelijkheid?

feestelijkheid betekent: een bijeenkomst om iets fijns te vieren

Welk woordgeslacht heeft feestelijkheid?

feestelijkheid is een vrouwelijk (de).

Wat zijn synoniemen van feestelijkheid?

Synoniemen van feestelijkheid zijn: ceremonie, festijn, festiviteit, viering, fuif.

Hoe gebruik je feestelijkheid in een zin?

Voorbeeld: “James Blake doet een 'Beyonceetje'. Ineens ploft een nieuwe plaat op de streamingplatforms: verrassing. Maar met die plotselinge verschijning houdt de feestelijkheid ook meteen op. Blake is op zijn derde album mistroostiger dan ooit.Volkskrant Robert van Gijssel 11 mei 2016

Etymologie

* afgeleid van feestelijk

Vertalingen

Engelsparty