festiviteit

vrouwelijk (de)/fɛstievieˈtĕit/

Wat is de betekenis van festiviteit?

festiviteit betekent: (vreugde)feest, fuif

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. (vreugde)feest, fuif

Voorbeelden van "festiviteit" in een zin

  • de festiviteit in onze stad heeft veel jongeren aangetrokken.
  • De koningin sloot de avond wuivend af met een ererondje langs het publiek. Er staan haar de komende weken nog veel festiviteiten te wachten, met een vierdaagse Platinum Jubileeweekend dat begint op 2 juni.

Veelgestelde vragen over festiviteit

Wat is de betekenis van festiviteit?

festiviteit betekent: (vreugde)feest, fuif

Welk woordgeslacht heeft festiviteit?

festiviteit is een vrouwelijk (de).

Hoe gebruik je festiviteit in een zin?

Voorbeeld: “de festiviteit in onze stad heeft veel jongeren aangetrokken.

Etymologie

*afgeleid van het Franse festivité () [https://fr.wiktionary.org/wiki/festivité Wiktionnaire]

Vertalingen

Engelscelebration, festival, party
Fransfestivité
Spaansfestividad, fiesta