Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

fisis

mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. muziek (muziek) een tweemaal met een halve toon verhoogde toon "f"
    De toon “fisis” klinkt in de getempereerde stemming gelijk aan de tonen “g”en “ases”.
  2. muziek (muziek) de grondtoon (tonica) van de “fisis-mineurtoonladder”, tevens een korte aanduiding van die toonladder
    De toonladder van fisis heeft als voortekens tien kruisen, en wordt doorgaans vervangen door de gelijkwaardige g-mineurtoonladder die slechts twee mollen heeft.
  3. muziek (muziek) de grondtoon van het “fisis-mineurakkoord”, de kleine drieklank op de eerste trap (tonica-akkoord) van de kleinetertstoonladder op die toon, dat praktisch wordt vervangen door het gelijkklinkende g-mineurakkoord (symbool: Gm)
    De drie tonen van het fisis-mineurakkoord in grondligging, zijn: fisis - aïs - cisis, in g-mineur: g - bes - d.

Vertalingen

EngelsF-double sharp, Fis-double sharp minor, F-double sharp minor
Fransfa double dièse, fa double dièse mineure, fa double dièse mineur
Duitsfisis, fisis-Moll, fisis-Moll