Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
fluisterfiets
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈflœystərˌfits/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (verkeer) fiets met een hulpmotor die heel weinig geluid maaktDeze fluisterfiets wordt voor 1987 ingezet bij een groot aantal fietsvakanties van de provinciale VVV Zeeland. Als u al snorrend door het Zeeuwse landschap fietst dan moet u rekening houden met het feit dat deze fiets een maximum snelheid heeft van 24 kilometer per uur, de fiets 1/90 rijdt en niet meer geluid maakt dan een naaimachine.Er vallen tal van snufjes te bewonderen; nieuwigheden bij de aandrijving o.a. bij de zgn. fluisterfiets van Burgers, Rex en Zündapp met de rubberriem, verder het algemene streven om de overbrenging van de motor naar het achterwiel met die van de trappers in één ketting te combineren.
Etymologie
*, in de betekenis ‘stille bromfiets’ aangetroffen vanaf 1953 (zie vindplaats hieronder)
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek