fout
vrouwelijk (de)/fɑut/
Wat is de betekenis van fout?
fout betekent: vergissing, onjuistheid
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- vergissing, onjuistheid
Voorbeelden van "fout" in een zin
- Het is niet mijn fout dat het snel gaat regenen.
Etymologie
#(geschiedenis) aan de kant van de asmogendheden in de Tweede Wereldoorlog
Vertalingen
Engelserroneous, incorrect, mistaken
Fransfaute
DuitsFehler
Spaansfalso, malo, falta
Portugeeserro
Russischошибка
Poolsbłąd
Zweedsfel, misstag
Deensfejl
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek