foutloos
ˈfɑutlos
Wat is de betekenis van foutloos?
foutloos betekent: zonder fouten, zonder misslagen
Betekenis
bijvoeglijk naamwoord
- zonder fouten, zonder misslagen
Voorbeelden van "foutloos" in een zin
- De secretaresse kon foutloos typen.
- In plaats van anonimiteit trof ik op mijn eerste avond mijn foutloos gespelde naam aan die in de verzilverde servetring was gegraveerd die mijn vaste tafel in het restaurant markeerde.
Etymologie
afgeleid van fout met het achtervoegsel -loos
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek