Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

frok

mannelijk (de)/frɔk/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. kleding, historisch (kleding) (historisch) gewaad dat over alle andere kleding wordt gedragen
    Maar bij de toegang tot de abdij vroeg een bediende in rode frok streng of ik echt voor de dienst kwam, anders mocht je er niet in.
    {{ouds
  2. kleding, historisch (kleding) (historisch) gestreepte of donkere gebreide trui zoals zeelieden die droegen
    {{ouds

Etymologie

**[2] via "frock"