funshoppen

Betekenis

werkwoord
  1. winkelen als vermaak
    Klanten houden zich steeds minder aan de coronaregels in winkels, zeggen winkeliers. Ze houden geen anderhalve meter afstand of ze komen met het hele gezin binnen om te funshoppen.
    Als Nederlanders op pad gaan, dan gaan ze het liefst fietsen of wandelen. Daarna volgen andere sporten en funshoppen.

Etymologie

* uit het Engels