gastvrij
/ɣɑstˈfrɛɪ/
Wat is de betekenis van gastvrij?
gastvrij betekent: gul in het onthalen of herbergen van gasten
Betekenis
bijvoeglijk naamwoord
- gul in het onthalen of herbergen van gasten
Voorbeelden van "gastvrij" in een zin
- Er stond ons een gastvrije verwelkoming te wachten in ons gastgezin.
- Overal ter wereld was de lokale bevolking gastvrij en verwelkomde vermoeide lopers met een warme kop thee of een bed voor de nacht.
Etymologie
Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘mild gasten onthalend’ voor het eerst aangetroffen in 1542
Vertalingen
Duitsgastfreundlich, gastfrei
Engelshospitable
Franshospitalier
fygastfrij
Spaanshospitalario
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek