gebeuren
onzijdig (het)/ɣəˈbørə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (erga) plaatshebben, werkelijkheid wordenWat is er gebeurd?Wat een geschenk om met deze dames te hebben opgetrokken. Dit zou nooit gebeurd zijn als ik zo gehaast als thuis was geweest.De enige vlakke grond was de trail zelf dus ik hoopte dat er geen vroege hiker over me heen zou vallen in de ochtend. Maar dat gebeurde wel.
zelfstandig naamwoord
- geheel van voorvallen met de ermee verbonden effecten
Etymologie
*(erfwoord) van Middelnederlands "geboren", op te vatten als afgeleid van beuren
Uitdrukkingen
- bij schering en inslag gebeuren — erg vaak plaatshebben
- het zal iemand niet gebeuren dat — iemand gaat zeker voorkomen dat
- strijk en zet gebeuren — erg vaak plaatshebben
Vertalingen
Engelshappen, occur
Fransavoir lieu, se passer
Duitsgeschehen, passieren
Spaanspasar, acaecer, acontecer
Deensske
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek