gedruis

onzijdig (het)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. aanhoudende, lawaaierige, gezellige drukte
    De stad richt zich sterk op aantrekkelijke pleinen, vol horeca en gedruis. Het zal in 2002 zijn geweest toen het CDA in de gemeenteraad pleitte voor kleinschalige concentraties van horeca op het toenmalige Balkanplein (nu Amaliaplein), de Koornmarkt en op het Kerkplein bij ijssalon Talamini.Tubantia 06-12-2007 [https://www.tubantia.nl/almelo/perikelen-rond-de-almelose-pleinen~aa0da210/ Perikelen rond de Almelose pleinen ]
    Net als alle andere cafés is ook Het Wapen van Vriezenveen aan de voorgevel (aan de kant van het Westeinde) uitbundig oranje versierd. Aan de kant van de Bouwmeesterstraat is geen sprake van oranjevreugde, maar van een heel ander soort gedruis.Tubantia 20-06-2008 [https://www.tubantia.nl/almelo-e-o/de-andere-kant-van-de-oranjevreugde~ae06912a/ De andere kant van de oranjevreugde ]

Etymologie

* van druisen

Vertalingen

Engelsuproar, hum, rumour