gejengel

onzijdig (het)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het aanhoudende zeuren, zaniken en jammeren, vooral door kleine kinderen met als doel om iets af te dwingen
    Maar er zijn ook winkelende ouders die het besluit toejuichen, zoals Jet Eijmael. „Er zit te veel suiker en rommel in dat soort producten.” Of het gejengel van kinderen in de supermarkt straks minder zal worden? Jos Alberte betwijfelt het. Kinderen blijven toch wel zeuren om snoep, denkt ze.de Telegraaf DANIËL VAN DAM 09 dec. 2016
    Op Twitter zijn de meeste mensen enthousiast. "Wanneer komt dit concept naar Amerika?", vraagt iemand zich af. "Alsjeblieft, alsjeblieft, alsjeblieft doe dit ook hier", schrijft een ander. "Dit had al veel eerder moeten gebeuren. Niemand hoeft zeven uur lang gehuil en gejengel aan te horen."de Telegraaf MAAIKE SCHAAP 07 okt. 2016

Etymologie

* van jengelen