woorden
boek
Start
›
G
›
geluidloosheid
geluidloosheid
vrouwelijk (de)
/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
het geluidloos zijn
De geluidloosheid van een elektrische auto kan gevaar opleveren.
Etymologie
* afgeleid van geluidloos
Synoniemen
stilte
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← geluidloos
geluidloost →