gelukkig
ɣəˈlʏkəx
Wat is de betekenis van gelukkig?
gelukkig betekent: in een tevredene toestand zijn, zich goed voelen
Betekenis
bijvoeglijk naamwoord
- in een tevredene toestand zijn, zich goed voelen
- door gunstig toeval, met mazzel
Voorbeelden van "gelukkig" in een zin
- "Veel mensen vergissen zich in wat ze gelukkig maakt"
- De hemel van de zomer verjaagt het zuur van de stad, zong Charles Trenet al: 'Wij zijn gelukkig, Route Nationale 7.'
Etymologie
van Middelnederlands geluckich, op te vatten als afgeleid van geluk zn met het achtervoegsel -ig
Vertalingen
Duitsglücklich
Engelslucky, happy
Fransheureux, chanceux, fortuné
iofelica
noheldig, lykkelig, god
nnheldig, god, lykkeleg
otaشاد
papfelis
faشاد
skšťastný
Spaansafortunado, feliz, contento, fortunado, alegre
csšťastný
urشاد
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek