Guit

mannelijk (de)/xxxx/

Wat is de betekenis van Guit?

Guit betekent: (spottend) grappig iemand (vooral van het mannelijk geslacht)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. spottend (spottend) grappig iemand (vooral van het mannelijk geslacht)

Voorbeelden van "Guit" in een zin

  • Het was lachen geblazen bij Babbelonië, het AVRO-spelletje dat tussen 1981 en 1984 zo'n zeven miljoen kijkers trok. Vooral als Jos Brink uit de bocht vloog. Hij speelde de rol die in de jaren zestig en zeventig in Wie van de drie voor Albert Mol was weggelegd: de guit die zo leuk dubbelzinnig kon doen en toch de lieveling van het AVRO-publiek bleef.NRC 31 januari 2001
  • Is die kleine guit van een Arie Boomsma in het geniep getrouwd! Dat vind ik leuk van hem. Al hadden we de voortekenen allemaal kunnen zien; Arie werd ineens overal gespot met een en dezelfde yogalerares, en die yogalerares en Arie lieten allebei dezelfde tatoeage op hun lichaam zetten (zij op haar arm, hij half achter zijn oksel, de enige plek die nog vrij was). En ze plaatsten een paar foto's van elkaar op Instagram, waaronder ze dan zetten: 'Zo veel liefde' dit en 'Zo veel liefde' dat. (Al voelt Arie natuurlijk voor veel mensen, en sowieso voor veel wezens, liefde. Volkskrant Aaf Brandt Corstius 20 augustus 2015,

Betekenis en uitleg van Guit

Het woord 'guit' verwijst naar een speelse of guitige persoon, vaak met een ondeugende, maar charmante uitstraling. Iemand die guit is, heeft meestal een vrolijke, onschuldige houding die anderen kan aansteken met enthousiasme.

Je kunt 'guit' gebruiken om iemand te beschrijven die altijd in is voor een grapje of die met zijn of haar gedrag een glimlach op het gezicht van anderen tovert. Het woord heeft een positieve bijklank en wordt vaak gebruikt in informele situaties, bijvoorbeeld onder vrienden of in een gezellige setting. Het benadrukt de speelse kant van iemand, zonder dat dit negatief bedoeld is.

Voorbeelden

  • Die guitige jongen weet altijd hoe hij de sfeer moet verbeteren tijdens onze uitjes.
  • Ze heeft een guitige lach die iedereen om haar heen aansteekt.
  • Met zijn guitige opmerkingen weet hij zelfs de meest serieuze gesprekken op te fleuren.

Woordoorsprong

Het woord 'guit' is afgeleid van het Middelnederlandse 'guit', wat 'kwiek' of 'levendig' betekent. Het heeft verwantschap met woorden die speelsheid en levendigheid uitdrukken.

Veelgestelde vragen over Guit

Wat is de betekenis van Guit?

Guit betekent: (spottend) grappig iemand (vooral van het mannelijk geslacht)

Welk woordgeslacht heeft Guit?

Guit is een mannelijk (de).

Wat zijn synoniemen van Guit?

Synoniemen van Guit zijn: deugniet, grappenmaker, grapjas, mallerd, leukerd.

Hoe gebruik je Guit in een zin?

Voorbeeld: “Het was lachen geblazen bij Babbelonië, het AVRO-spelletje dat tussen 1981 en 1984 zo'n zeven miljoen kijkers trok. Vooral als Jos Brink uit de bocht vloog. Hij speelde de rol die in de jaren zestig en zeventig in Wie van de drie voor Albert Mol was weggelegd: de guit die zo leuk dubbelzinnig kon doen en toch de lieveling van het AVRO-publiek bleef.NRC 31 januari 2001

Etymologie

* In de betekenis van ‘deugniet’ voor het eerst aangetroffen in 1501

Vertalingen

Engelsrascal