haatte
Wat is de betekenis van haatte?
haatte betekent: enkelvoud verleden tijd van haten
Betekenis
werkwoord
- enkelvoud verleden tijd van haten
Voorbeelden van "haatte" in een zin
- Ik haatte.
- Jij haatte.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek
haatte betekent: enkelvoud verleden tijd van haten