half-om-half
/ˌhɑlᵊfɔmˈhɑlᵊf/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (voeding) mengsel van gelijke delen fijngemalen rund- en varkensvleesBij half-om-half is de verhouding zoals de naam al aangeeft dat het voor de helft uit varkensvlees bestaat en voor de helft uit rundvlees. Gemengd gehakt is niet aan verhoudingen gebonden.
- (drinken) drankje gemaakt door gelijke delen van twee andere dranken te vermengen
- likeur uit Triple sec en Longae VitaePieneman zat breeduit. En nòg zat hij niet of z'n half-om-half stond voor 'm. Oók 'n stamgast van jaren her.
Etymologie
* samenkoppeling van "half", "om" en "half", afgeleid van de vaste verbinding "half om half"
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek