halfheid

vrouwelijk (de)

Wat is de betekenis van halfheid?

halfheid betekent: de mate onvolledig zijn

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de mate onvolledig zijn

Voorbeelden van "halfheid" in een zin

  • In de kerk zou daarnaast meer gewaarschuwd kunnen worden tegen de geest van de tijd. „Alle halfheid in het leven van (doop)-leden en ook bij Gods kinderen moet daarin worden aangewezen en afgewezen. Reformatorisch Dagblad Wim Hulsman 08-10-2013 [https://www.rd.nl/kerk-religie/gebed-om-verootmoediging-en-opwekking-in-gg-nodig-1.342352 „Gebed om verootmoediging en opwekking in GG nodig”]
  • Hoe zeer verspreid ook, de geschriften zijn het zelfportret van een samenhangende persoonlijkheid, vrij van alle gemakzucht en halfheid en ondanks alle deksels van de wereld bereid het onderste uit de kan te halen. "Liever blijf ik tierend tenondergaan', schreef ze onlangs in haar dichtbundel Thule. NRC Willem Otterspeer 19 februari 1993 [https://www.nrc.nl/nieuws/1993/02/19/verspreide-geschriften-van-anneke-brassinga-een-druppel-7173635-a136289 Verspreide geschriften van Anneke Brassinga; Een druppel kwikzilver in een zee van spiegeling]

Betekenis en uitleg van halfheid

Halfheid verwijst naar een toestand van onvolledigheid of compromissen waarbij iets niet helemaal is wat het zou moeten zijn. Het kan zowel positieve als negatieve connotaties hebben, afhankelijk van de context waarin het gebruikt wordt.

Dit woord wordt vaak gebruikt om situaties te beschrijven waarin iets niet helemaal af of niet volledig is. Bijvoorbeeld, in discussies over beleid of plannen kan men spreken van halfheid als er geen duidelijke keuzes worden gemaakt. Het kan ook duiden op een gebrek aan toewijding of passie, waardoor de uitkomst niet optimaal is.

Voorbeelden

  • De presentatie was een voorbeeld van halfheid; de spreker had niet voldoende voorbereid en de boodschap kwam niet goed over.
  • In de relatie was er sprake van halfheid, waardoor beide partners zich niet volledig konden inzetten voor elkaar.
  • De wetgeving bleef steken in halfheid, met vage regels die niet echt een oplossing boden voor het probleem.

Woordoorsprong

Het woord 'halfheid' is samengesteld uit 'half', wat onvolledig betekent, en het achtervoegsel '-heid', dat vaak gebruikt wordt om een toestand of kwaliteit aan te duiden.

Veelgestelde vragen over halfheid

Wat is de betekenis van halfheid?

halfheid betekent: de mate onvolledig zijn

Welk woordgeslacht heeft halfheid?

halfheid is een vrouwelijk (de).

Wat zijn synoniemen van halfheid?

Synoniemen van halfheid zijn: ondoortastendheid, slapheid, aarzeling, onvolledigheid, dubbelzinnigheid.

Hoe gebruik je halfheid in een zin?

Voorbeeld: “In de kerk zou daarnaast meer gewaarschuwd kunnen worden tegen de geest van de tijd. „Alle halfheid in het leven van (doop)-leden en ook bij Gods kinderen moet daarin worden aangewezen en afgewezen. Reformatorisch Dagblad Wim Hulsman 08-10-2013 [https://www.rd.nl/kerk-religie/gebed-om-verootmoediging-en-opwekking-in-gg-nodig-1.342352 „Gebed om verootmoediging en opwekking in GG nodig”]

Etymologie

* afleiding van half

Vertalingen

Engelswavering, half-heartedness