halvering

vrouwelijk (de)/hɑlˈverɪŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. verkleinen tot de helft van de oorspronkelijke hoeveelheid
    Als je bekijkt wat je nodig hebt om een auto te verkopen, ligt een halvering van het aantal fysieke showrooms voor de hand.[https://www.trouw.nl/home/-halvering-aantal-autoshowrooms-in-nederland-~ac08cf5f/ 'Halvering aantal autoshowrooms in Nederland'], Trouw, 2 januari 2015

Etymologie

* van halveren