hanenkam
mannelijk (de)/ˈhanə(n)kɑm/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (steeltjeszwammen) (voeding) , een eetbare paddenstoel met een lichte pepersmaak uit de familie
- een kam van een haan
- een kamvormig kapsel midden over het overigens kaalgeschoren hoofd
Vertalingen
Engelscantharellus, chanterelle, cockscomb
Franschanterelle, crête de coq
DuitsPfifferling, Hahnenkamm
Spaansrebozuelo, cantarela, cresta
Italiaanscanterello, gallinaccio
Russischлисичка
Japans杏茸
Zweedskantarell
Deensalmindelig kantarel
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek