hebzucht

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈhɛpsʏxt/

Wat is de betekenis van hebzucht?

hebzucht betekent: (psychologie) een overdreven begeerte naar materieel gewin

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. psychologie (psychologie) een overdreven begeerte naar materieel gewin

Voorbeelden van "hebzucht" in een zin

  • Hun hebzucht is vaak wat uiteindelijk dictators ten val brengt.
  • Wouter Bos: «De hele crisis betekent de definitieve teloorgang van een systeem dat is gebaseerd op hebzucht, onverantwoorde risico's en perverse beloningen»
  • Maar het kan ook voelen alsof de moderne tijd ons steeds dieper in hebzucht, wanhoop en opwinding dompelt.

Uitdrukkingen

  • Gierigheid ( of hebzucht) is de wortel van alle kwaad

Vertalingen

Engelsgreed
Spaanscodicia, avaricia