heengaan

onzijdig (het)/ˈheŋɣan/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. eufemisme, formeel (eufemisme), (formeel) het komen te overlijden
    Zijn heengaan is een groot verlies.
werkwoord
  1. erga, formeel (erga) (formeel) vertrekken
    Hij ging heen en zag niet om.
  2. erga, eufemisme (erga) (eufemisme) sterven
    Zij is heengegaan.
  3. Niet te verwarren met erheen gaan [https://onzetaal.nl/taaladvies/advies/heen-kijken-heenkijken taaladvies]
    Zij is er niet heen gegaan.

Etymologie

* In de betekenis van ‘weggaan’ voor het eerst aangetroffen in 1599

Vertalingen

Engelspass
Spaansmuerte