hola

onzijdig (het)/ˈhola/

Betekenis

tussenwerpsel
  1. aanroep om iemand te onderbreken of iets te stoppen
    Nog absurder is het beloningssysteem dat de Universiteit Utrecht wil introduceren. Een woordvoerder zei gisteren tegen het AD dat er plannen zijn om spitsmijdende studenten te laten sparen voor ‘een gratis treinticket naar Berlijn of Barcelona’. Hola! En wie zwalken er straks over de Ramblas? Niet degenen met een bijbaan in de horeca die hun avondcolleges noodgedwongen overslaan.
zelfstandig naamwoord
  1. relatievorm waarbij de leden van een echtpaar in afzonderlijke woningen in dezelfde buurt wonen
    Bij een hola leef je gescheiden, maar woon je wel bij elkaar in de buurt en ga je ook geregeld bij elkaar op bezoek, vooral vanwege de kinderen.

Etymologie

*[zelfstandig naamwoord] (letterwoord) van huwelijk op loopafstand