homofiel
mannelijk (de)/homoˈfil/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (lhbt) (verouderd) (eufemisme) man met romantische of seksuele voorkeur voor mannenPas toen hij ging werken, bij kledingzaak Salty Dog, namen zijn collega’s hem mee naar nachtclubs en dansgelegenheden voor homofielen, „zo heetten we destijds”.Blijkens de flap verbergt zich achter de naam Frans Berni een bekend auteur; deze heeft in een boekje: „Paul's portret", dat bij het Wereldvenster te Baarn uitkwam, het probleem ven een homophiel behandeld. De zeer raisonabele broer van Paul bladert, na de dood van zijn vader, in brieven die het probleem Paul van zeer nabij raken, en uit deze brieven komt het portret van Paul, die gekweld door misverstand van zijn naaste familieleden ook, ten slotte de dood zocht, naar voren.{{ouds
Etymologie
* van "homophile", op te vatten als gevormd en , in de betekenis van ‘homoseksueel’ geïntroduceerd in 1949 (zie vindplaats hieronder)
Vertalingen
Engelsgay, homosexual, gay
Spaanshomosexual, homosexual
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek