honderdplusser
mannelijk (de)/ˌhɔndərtˈplʏsər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (maatschappij) iemand van honderd jaar of ouder
Etymologie
* Samenstellende afleiding van honderd en plus
Vertalingen
Engelscentenarian
Franscentenaire
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek