hoogheid
vrouwelijk (de)/xxxx/
Wat is de betekenis van hoogheid?
hoogheid betekent: aanzien, grootheid, majesteit
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- aanzien, grootheid, majesteit
- (adel) iemand die een zeer hoge adellijke rang bekleedt
Voorbeelden van "hoogheid" in een zin
- Nadat zijne hoogheid gearriveerd was kon de plechtigheid beginnen.
Etymologie
*afgeleid van hoog
Vertalingen
SpaansMajestad
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek