hopeloos
ˈhopəˌlos
Wat is de betekenis van hopeloos?
hopeloos betekent: waaraan hoop op succes ontbreekt
Betekenis
bijvoeglijk naamwoord
- waaraan hoop op succes ontbreekt
Voorbeelden van "hopeloos" in een zin
- Dat bleek een hopeloze zaak te zijn.
- Het bleek al snel dat het een slecht idee was om te beginnen waar we op dat moment waren in het voorjaarssemester, dan was hij een hopeloos geval.
Etymologie
Afgeleid van hoop met het achtervoegsel -loos met het invoegsel -e-
Vertalingen
Deenshåbløs
Duitshoffnungslos
Engelshopeless
fitoivoton
Fransdésespéré
Italiaansdisperato
nohåpløs
Portugeesdesesperado
Spaansdesesperado
Zweedshopplös
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek