hotelpersoneel
onzijdig (het)
Wat is de betekenis van hotelpersoneel?
hotelpersoneel betekent: mensen die in loondienst werken bij een hotel
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- mensen die in loondienst werken bij een hotel
Voorbeelden van "hotelpersoneel" in een zin
- Als wij weg zijn om te trainen, reinigen kamermeisjes de boel. Ze dragen net als wij mondkapjes en dat geldt ook voor het weinige andere hotelpersoneel. Het geeft een spooky aanblik.
- Vooral hotelpersoneel zit met de handen in het haar. De afgelopen maand zaten de hotels in de stad op een bezettingsgraad tussen de twintig en dertig procent.
Veelgestelde vragen over hotelpersoneel
Wat is de betekenis van hotelpersoneel?
hotelpersoneel betekent: mensen die in loondienst werken bij een hotel
Welk woordgeslacht heeft hotelpersoneel?
hotelpersoneel is een onzijdig (het).
Hoe gebruik je hotelpersoneel in een zin?
Voorbeeld: “Als wij weg zijn om te trainen, reinigen kamermeisjes de boel. Ze dragen net als wij mondkapjes en dat geldt ook voor het weinige andere hotelpersoneel. Het geeft een spooky aanblik.”
Vertalingen
Engelshotel staff, hotel personnel
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek