houtwesp
mannelijk/vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (vliesvleugeligen) een wesp uit de familie die zijn eieren afzet in het hout van bomenHoutwespen zien er vervaarlijk uit met hun felle kleuren, maar steken kunnen ze niet.
Vertalingen
Engelshorntail
Russischрогохвост
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek