Huig

mannelijk/vrouwelijk (de)/hœyx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. anatomie (anatomie) een lapje afhangend weefsel aan het uiteinde van het zachte verhemelte, waarmee onder andere het neuskanaal kan worden afgesloten
    De keelamandelen zijn verwijderd en de huig is verkort.

Etymologie

* In de betekenis van ‘lelletje in de keel’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1301

Uitdrukkingen

  • Iemand door bedrog geld of iets anders van waarde afhandig maken.

Vertalingen

Engelsuvula, palatine uvula
Fransluette, uvule
DuitsGaumenzäpfchen
Spaansúvula, campanilla
Italiaansugola
Portugeesúvula
Poolsjęzyczek
Zweedsgomspene