hydrauliek
mannelijk (de)/ˌhidrɑuˈlik/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (werktuigbouwkunde) aandrijftechniek die gebruikmaakt van vloeistof, de hydraulische vloeistof, onder (hoge) druk.
Etymologie
*via "hydraulique" en Latijn "hydraulica" van "ὑδραυλικός" (hudraulikós) "met betrekking tot een waterorgel"
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek