iedere

/ˈidərə/

Betekenis

voornaamwoord
  1. van ieder
    Hij gaat iedere dag een stuk wandelen.
    Het was alsof er meerdere mensen in mijn hoofd meeliepen, iedere stem met een eigen motivatie: soms vanuit mijn ego, soms vanuit mijn verstand en soms vanuit pure angst.
    'Dat geldt voor iedere schrijver.