ijshockey

onzijdig (het)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. sport (sport) ijssport waarbij twee teams van ieder vijf personen plus goalie met behulp van een stick een schijfje (puck) in het doel van de tegenstander proberen te schieten
    Er was ijshockey op de tv, maar je kon de puck niet volgen.

Vertalingen

Engelsice hockey
Franshockey sur glace
DuitsEishockey
Spaanshockey sobre hielo
Italiaanshockey su ghiaccio
Portugeeshóquei no gelo
Russischхоккей с шайбой
Chinees冰球
Japansアイスホッケー
Arabischهوكي جليد
Poolshokej na lodzie
Zweedsishockey
Deensishockey