ijshockeyteam

onzijdig (het)/ˈɛishɔkiˌtiːm/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. groep samenwerkende ijshockeyspelers die samen spelen in een ijshockeywedstrijd
    Het jeugdijshockeyteam, de Humboldt Broncos uit de provincie Saskatchewan, was met hun coaches en begeleiders onderweg naar een wedstrijd in Nipawin. Op een kruispunt reed de vrachtwagen bij een stopbord door en knalde tegen de bus. Hij had toen al vier waarschuwingsborden voor de kruising met de snelweg genegeerd.
    De beide Korea's willen sport gebruiken om de onderlinge relatie te verbeteren. Eerder liepen beide landen al onder één vlag het olympisch stadion binnen bij de openingsceremonie van de afgelopen Winterspelen in Pyeongchang. Ook hadden ze daar een gezamenlijk ijshockeyteam bij de vrouwen.