incasseren

/ˌɪŋkɑˈserə(n)/

Wat is de betekenis van incasseren?

incasseren betekent: (ov) (geld) in ontvangst nemen

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) (geld) in ontvangst nemen
  2. ov (ov) (klappen, beledigingen) te verduren krijgen

Voorbeelden van "incasseren" in een zin

  • De verenigingen Buma/Stemra en SABAM incasseren, elk in hun eigen land, vergoedingen voor de rechthebbenden van muziekstukken.
  • De bokser was aan de winnende hand; zijn tegenstrever moest de ene klap na de andere incasseren.

Etymologie

*Ontleend aan het Italiaanse incassare.

Vertalingen

Engelscollect, cash, receive
Fransencaisser, recouvrer, souffrir
Duitseinkassieren, kassieren, einziehen
Spaanscobrar, percibir, encajar
Zweedsinkassera